Een houten vloer egaliseren vraagt om een andere aanpak dan het egaliseren van een betonnen of cementgebonden ondervloer. Hout is een levend materiaal dat beweegt met veranderingen in temperatuur en luchtvochtigheid. Als u hier geen rekening mee houdt, eindigt u met een gebarsten egalisatielaag en een mislukt vloerproject. In deze blog leest u alles over de bijzondere aandachtspunten bij het egaliseren van houten vloeren.
Waarom is hout een uitdagende ondergrond?
Hout zet uit bij vochtigheid en krimpt bij droogte. Deze bewegingen zijn klein maar constant en kunnen, bij een starre egalisatielaag, leiden tot scheuren. Bovendien zijn houten vloeren zelden volledig vlak: ze hebben vaak een lichte vering, kieren tussen de planken en plaatselijke hoogteverschillen door slijtage of verzakking. Al deze factoren maken een houten ondervloer complexer om te egaliseren dan een betonnen vloer.
Controleer de conditie van de houten vloer
Voordat u begint met egaliseren, moet u de houten vloer grondig inspecteren. Loop over de vloer en luister naar kraken: losse planken of spaanplaat moeten worden vastgezet met schroeven voordat u egalisert. Controleer ook op rot, schimmel of vochtschade. Een beschadigde houten vloer is geen geschikte ondergrond voor egalisatie en moet eerst worden gerepareerd of vervangen. Zet alle uitstekende spijkers terug of vervang ze door schroeven.
Gebruik altijd flexibele egaliseermassa
Voor houten ondervloeren gebruikt u uitsluitend een speciaal voor hout geschikte, flexibele egaliseermassa. Deze producten bevatten dispersieadditieven die de uitgeharde laag voldoende elasticiteit geven om de bewegingen van het hout te volgen zonder te scheuren. Gebruik nooit een standaard cementgebonden massa voor hout: deze breekt na verloop van tijd zeker.
Primer aanbrengen
Bij houten ondervloeren is een goede primer absoluut noodzakelijk. Breng een hechtprimer aan die speciaal geschikt is voor hout en laat deze volledig drogen. Bij brede kieren tussen planken kunt u deze eerst dichten met een flexibel kit of een speciale plamuurmassa voordat u de egalisatielaag aanbrengt. Zo voorkomt u dat de vloeibare massa in de kieren wegloopt en zakt u een vlak resultaat te missen
Laagdikte en nazorg
Breng de flexibele massa aan in de aanbevolen laagdikte, doorgaans maximaal 5 tot 10 mm per laag. Bij grotere hoogteverschillen werkt u in meerdere lagen. Laat elke laag volledig drogen en controleer tussendoor de vlakheid. Na volledige uitharding kunt u de egalisatielaag indien nodig licht schuren voor een nog gladder resultaat. Laat de vloer daarna acclimatiseren voordat u de definitieve vloerbedekking legt.


